Een aanbieder die in Nederland beleggingsdiensten verleent, heeft een vergunning nodig en staat in een openbaar register van de AFM of van een andere Europese toezichthouder, zoals BaFin in Duitsland of de CBI in Ierland. Dat register is gratis doorzoekbaar en het kost je twee minuten. Een handelsnaam op een website zegt weinig; de vergunninghouder achter die naam wel.
Toezicht regelt onder meer dat het vermogen van klanten gescheiden wordt gehouden van het vermogen van de onderneming. Effecten die jij koopt staan op naam of in bewaring bij een aparte entiteit, zodat schuldeisers van de broker er in beginsel niet bij kunnen.
Gaat het toch mis door fraude of wanbeheer, dan bestaat in Nederland het beleggerscompensatiestelsel. DNB vermeldt daarvoor een vergoeding tot maximaal 20.000 euro per belegger. In de rest van de Europese Economische Ruimte geldt eenzelfde minimum, al kan de uitvoering per land verschillen.
Belangrijk is wat die regeling niet doet: koersverlies wordt niet vergoed. Daalt je ETF, dan is dat gewoon beleggingsrisico. De compensatie ziet op het niet terug kunnen geven van je geld of stukken door de instelling zelf, niet op tegenvallende markten.