De laatste stap gaat niet over producten maar over gedrag, en daar sneuvelt in de praktijk het meeste rendement. Drie patronen komen steeds terug.
Het eerste is emotie. Een portefeuille die twintig of dertig procent daalt, voelt anders dan hetzelfde percentage in een tabel. Wie dan verkoopt, zet een papieren daling om in een echt verlies en staat vervolgens langs de kant als de koersen herstellen. Schrijf daarom nu, in rustig water, op wat je bij een forse daling gaat doen. Een zin op papier weegt zwaarder dan een voornemen in je hoofd.
Het tweede is timing. In- en uitstappen op het juiste moment vraagt dat je twee keer gelijk hebt, en de kosten en gemiste dagen lopen op terwijl je wacht. Een vast ritme uit stap 8 haalt die beslissing weg.
Het derde is sluipende kosten. Een half procent per jaar oogt klein maar tikt over tientallen jaren stevig door. Controleer daarom eens per jaar of de tarieven van je broker en de lopende kosten van je fondsen nog kloppen met wat je destijds koos, en of de spreiding nog is wat je bedoelde.
Verder is er weinig te doen. Beleggen dat werkt, is meestal saai.